“Winners are not people who never fail; but people who never quit”… MNRI en kinderkanker

Hoe kinderkanker op zeer jonge leeftijd overwonnen wordt maar ’t de algemene ontwikkeling negatief beïnvloedt en MNRI er in een positieve levensveranderende draai aan geeft.

Soms krijg je mailtjes van mensen binnen, die je steil achterover doen slaan van alle diepe wonden die geslagen zijn in hun leven en die van hun naaste omgeving. Als deze diepe wonden gecreëerd zijn door een ernstige, levensbedreigende ziekte op zeer jonge leeftijd en een kind loopt daardoor fysiek en psychisch trauma op, met daarnaast ontwikkelingsachterstanden op motorisch en cognitief gebied, dan val je wel even stil. Met toestemming van de ouders deel ik de enorme vooruitgang die dit meisje op alle vlakken boekt na de start van het behandeltraject MNRI in mijn praktijk. Ook van deze grote ontwikkelingsstappen sla ik dan ook wel eens steil achterover.

Begin maart 2017 kreeg ik een mail binnen van ouders met dit indrukwekkende verhaal over hun 7 jarige dochter. Zij ontwikkelde zich na de ontdekking van een grote tumor in het bekken bij een leeftijd van 8 maanden oud, en na operaties en een traject met chemo’s, niet leeftijdsadequaat. Op haar tweede verjaardag moest zij opnieuw behandeld worden voor deze kiemcelkanker in het zelfde gebied, met opnieuw een traject met operaties en chemotherapie, ditmaal buiten Nederland omdat ze hier uitbehandeld was. Zowel op motorisch, als op fysiek als op cognitief gebied liep zij achterstanden in haar ontwikkeling op en daarnaast had zij te maken met fysiek en psychisch trauma.

Hieronder staat de aanmeldingsmail die ik van de ouders ontving, met daaronder een beschrijving van de verstorende rol van de primaire en houdingsreflexen. Daarnaast benoem ik ook de winst die zij tot nu heeft geboekt met MNRI in twee maanden tijd.

“ Beste Edith,

Via deze weg probeer ik naar een oplossing te zoeken voor mijn dochter XXXX. Eigenlijk is mijn dochter een gevalletje apart. Toen zij 8 maanden was is er kanker (kiemceltumor) bij haar geconstateerd en wat volgden waren twee zware jaren chemotherapie en operaties. 

XXXX is pas gaan leren lopen toen ze twee jaar was, wij denken dat het komt vanwege een achterstand van ontwikkeling door waarschijnlijk chemo en andere factoren. Daarbij heeft zij de eerste twee jaar als kind zich niet optimaal kunnen ontwikkelen, want ze lag tenslotte voor een groot gedeelte in het ziekenhuis. Met alles was ze later, zitten, kruipen etc. Kruipen heeft ze nooit echt gedaan trouwens. Flesje vasthouden kon ze niet. 

Dat lopen is best lang een ding geweest. Het zag er altijd anders uit, wat stijver (soort pinguïn) omdat ze haar knieën niet voldoende buigt. Klimmen en klauteren is tot nu toe een groot issue; Ze durft dit niet of nauwelijks. Niet op de schommel, glijbaan etc. In het Sophia Kinderziekenhuis, waar zij onder controle staat (en blijft staan), zijn we op zoek gegaan naar oplossingen. Wat was XXXX haar probleem? Was het angst? Men dacht een Post Traumatisch Stress Syndroom dus werd er EMDR toegepast. Ik geloof niet dat dit geholpen heeft. Uiteraard is ze heel terughoudend en wat angstiger dan een ander kind. Ze heeft dus best lang bij de psycholoog gelopen. Wat denk ik prima is geweest want ze vond het leuk. In spelvorm is ze toch dingen gaan verwerken.

Inmiddels zat ze op de basisschool, maar kwam niet echt goed mee in de klas en met gym. Dus op aanraden van het Sophia/psycholoog zijn we fysiotherapie gaan doen. Dit heeft ze een ruim een jaar gedaan en dit hebben wij voor de zomervakantie gestopt.

Iedere week werd zij uit de klas gehaald om in de gymzaal oefeningen te gaan doen. Met succes, want het gaat al een stuk beter. Klimmen en klauteren is meen iets minder groot probleem als eerst, en schommelen gaat ze leuker vinden. Maar de koprol niet!! Dit doet ze echt niet en is er bang voor. Ook duikelrek is geen optie. Overigens vinden wij dit geen probleem.

Tijdens het hele proces bij de psycholoog, zijn we op advies ook een intelligentie test gaan doen. Ze was 5 jaar. De psycholoog heeft ook veel contact gehad met school en de ” problemen ” besproken. Uiteraard ook onze valkuilen kwamen een bod, en zodoende is XXXX getest. De uitkomst van de test was eigenlijk heel erg slecht. We moesten zelfs aan speciaal onderwijs gaan denken, daarbij kwam er ook ADHD uit. We zijn echter deze maand pas gestart met medicatie omdat het echt niet goed gaat op school. Wij hebben dit 1,5 jaar tegen gehouden omdat er twee jaar chemo en heel veel antibiotica in ihaar lichaam is gegaan. Helaas konden we niet anders meer. Niet door enorm hyperdruk gedrag maar door pure slechte concentratie. In de hoop dat ze meer kan focussen en wellicht het kwartje eindelijk eens gaat vallen. 

XXXX krijgt heel veel extra ondersteuning op school. Dan gaat ze buiten de klas werken met de begeleider of de psychomotorische therapeut. Zij is  “getest” door een extern bureau die in de klas ook is komen observeren. Wij hebben dus groen licht gekregen om in huidig schooljaar (groep 3) hiermee aan de slag te gaan.  

Overigens is fietsen al twee jaar een ding. Oefenen, oefenen, oefenen. Maar ze blijft bang en kan ‘t nog niet zonder hulp. Als ik het even niet gedaan heb(zoals afgelopen maanden) dan kan ik weer van vooraf aan beginnen helaas. Misschien heeft ze dyslexie of dyscalculie ? Ik weet het niet meer en zit met m’n handen in het haar. Iedere dag oefen ik met lezen en rekenen. Maar ’t frustreert voor allebei. Ik krijg de leerstof er niet in.

Ik hoop dat ik een goed beeld heb kunnen geven van XXXX en wacht je antwoord af!”

Van een heel ontspannen en blije baby in het eerste half jaar met een normaal ontwikkelingspatroon, veranderde dit meisje  in een huilbaby, die niet meer wilde rollen, niet kon leren kruipen en niet wilde gaan zitten. De tumor in haar bekken groeide zeer snel en vulde het bekken van buik tot en met rugzijde en was door de huid voelbaar boven de zitbeenderen. De mijlpalen als rollen kruipen, staan  en lopen, kwamen hierdoor niet op de tijdstippen waarop een kind ze normaal gesproken bereikt; de tumorvorming was zo groot en snelgroeiend, dat zij niet kon leren kruipen en zitten door de pijn.

De primaire reflexen, die in deze eerste 2 levensjaren een actieve rol hebben in de algehele ontwikkeling van een kind, konden hun werk niet goed doen. Hierdoor kon het zenuwstelsel  zich niet volledig en optimaal ontwikkelen. Dit had bijvoorbeeld grote invloed op het leren bewegen rondom de drie verschillende bewegingsvlakken, wat directe invloed heeft op de motoriek en vloeiend bewegen, zonder verlies van energie.

De ontwikkeling langs die bewegingsvlakken op neurologisch niveau, linken direct aan de verschillende lagen in het brein en daarbij direct aan ontwikkeling van een onbewust naar een bewust niveau van bestaan. Het meest basale bewegingsvlak waarlangs we gaan leren bewegen is voor/achter. Dit is gelinkt aan de hersenstam en kleine hersenen (Reptielenbrein) en is gelinkt aan ons gevoel voor veiligheid en beschermt ons. Een aantal primaire reflexen helpt actief mee om ons langs dit vlak te ontwikkelen. Hoe vaker een baby de reflexmatige bewegingen herhaalt, hoe beter het neurale netwerk zich kan ontwikkelen en hoe meer controle er kan ontstaan. Liggen hier voldoende ontwikkelde neurologische paden, dan kunnen we een stap verder in onze ontwikkeling. Blijft de ontwikkeling echter te veel rondom dit vlak hangen, dan blijven we teveel vanuit dit deel van brein functioneren. We voelen ons dan nooit veilig genoeg om tot vrij bewegen te komen omdat we ons onvoldoende bewust zijn van ons lichaam als geheel en omdat de bewegingen steeds verstoort worden door nog ongeremde reflexen. We kunnen daardoor niet focussen en we kunnen  de ontwikkeling langs de andere bewegingsvlakken niet optimaal krijgen.

Het tweede bewegingsvlak verbindt het onderste en bovenste deel van ons lichaam met elkaar, is gelinkt aan de Basal Ganglia  ook wel het zoogdierenbrein genoemd. Hier vanuit reguleren we onze angsten en emoties, en ontwikkelen we onze spraak,taal en rekenvaardigheden. Liggen hier voldoende verbindingen, dan kunnen we controle krijgen over emoties, kunnen we leren communiceren en contact gaan leggen tussen onze binnen- en buitenwereld; zowel van binnen naar buiten, als andersom. Blijven we hangen in een gevoel van onveiligheid (op hersnestam- nieveau), dan kunnen we dit volgende hersengebied niet voldoende ontwikkelen.

Tenslotte kunnen we het laatste bewegingsvlak  gaan ontdekken; links/rechts. Dit bewegingsvlak geeft ons de mogelijkheid om de linker en rechter lichaamszijde te laten samenwerken en wordt aangestuurd vanuit de grote cortex (mensenbrein). Vanuit dit evolutionair jongste hersengebied kunnen we de complexere vaardigheden ontwikkelen, zoals schoolse vaardigheden, motorische vaardigheden en executieve functies. Hebben we een goed ontwikkeld brein van binnenuit naar de buitenste lagen toe, dan kunnen we de grote cortex goed bereiken, hebben we overzicht, kunnen we beredeneren en weten we op bewust niveau wie we zijn en wat we willen.

Omdat de ontwikkeling op zo’n jonge leeftijd al ernstig was verstoord, zag je bij dit meisje dat zij op het basale niveau was blijven steken, omdat zij het eerste beweginsgvlak nooit voldoende heeft kunnen verkennen. De tumor belemmerde de reflexen in het juist doorlopen van hun eigen ontwikkelingsstadia en daardoor de aanleg van nieuwe en sterkere verbindingen.

Dit uitte zich in de basale angst voor bewegen en daarmee het ontdekken van nieuwe bewegingen als rollen, draaien, springen en natuurlijk lopen en rennen. Daarnaast kon zij de controle over de darmen en blaas niet goed aansturen, wat resulteerde in chronische blaasontstekingen omdat ze de blaas niet goed kon ledigen. De “gewone” praktische vaardigheden als steppen, fietsen, klimmen/klauteren en veters strikken, kreeg zij niet voor elkaar en/of geautomatiseerd. Op spraak/taalgebied liep zij achter en ook rekenen en schoolse vaardigheden leverde grote problemen op.

Na twee maanden (en dus vier behandelingen)  MNRI zijn de resultaten al zeer opmerkelijk te noemen. De woordenschat is meteen al duidelijk toegenomen, gebruikt meer en moeilijkere woorden en langere zinnen. Daarnaast durft ze nu te klimmen en te klauteren en heeft daar geen hulp bij nodig, want de angst is er niet meer. Het lopen verloopt nu al gemakkelijkere, door een verbeterde aansturing van het bekken en de verbeterde afwikkeling van de voeten. Daarnaast heeft ze meer energie en er is weinig lichamelijke onrust. Ze kan anderhalf uur achter elkaar gefocust aan haar schoolwerk zitten. Ook veters strikken kan ze ineens.

Het meest opmerkelijk zijn wel de resultaten t.a.v. de blaas en de complexe vaardigheden. Sinds de start van het traject, heeft dit meisje geen blaasontstekingen meer gehad en gebruikt hiervoor ook helemaal geen medicatie meer voor. En voor het eerst in haar leven lukt het steppen !!! Doordat het bekken nu steeds beter weet hoe het op de juiste manier moet bewegen door integratie van de primaire reflexen, gaat het vestibulaire systeem beter werken en  kunnen de posturale reflexen ook tot ontwikkeling komen.

Posturale reflexen helpen ons om de zwaartekracht te kunnen weerstaan en helpen ons o.a. met het ontwikkelen van balans, gronding en evenwicht. In het filmpje kun je prachtig zien dat ze de romp nu kan stabiliseren en balans kan houden boven het platform van de step. Ook drempels op en af steppen gaat haar nu goed af omdat ze zich beter kan oriënteren in de ruimte.

Wat een enorme winst in een korte tijd. We hebben nog veel te doen maar we hebben een vliegende start gemaakt !!!

 

 






Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*