Realistisch rekenen: een enorme opgave voor visueel lerende kinderen

Het rekenonderwijs in Nederland is de laatste 20 jaar enorm achteruitgegaan. Het rekenniveau van de kinderen, adolescenten maar ook van onze PABO- studenten is van een veelal treurig niveau. Rekentoetsen worden in het leven geroepen om onze pubers te controleren op hun rekenniveau, voordat ze examen gaan doen. Waar gaat het fout ?

De meeste kinderen met een visuele leerstijl, hebben een automatiseringsprobleem. Ook kinderen die goed in rekenen zijn, maar zwak scoren op spelling en-of lezen, hebben problemen met het automatiseren van tafels en sommen tot 20. Doordat zij gebruik maken van hun creatieve en snelle manier van denken, lijken ze sommen of tafels vlot uit te rekenen en op te zeggen. Hierdoor lijkt de leerstof goed geautomatiseerd, maar dat is schone schijn.

Voorbeeld: kind gaat voor het tafeldiploma. De leerkracht vraagt de som 8×4=…. het kind herhaalt de som en zegt direct het antwoord; het sommetje lijkt geautomatiseerd. Dit is niet zo. Door de som hardop te herhalen heeft het kind zichzelf de kans gegeven de som razendsnel uit te rekenen. Ook gebruiken zij allerlei eigenbedachte strategieën. Daarmee kunnen ze hun rekenprobleem een lange tijd maskeren. Echter de strategieën zijn te omslachtig en verschillen heel erg vaak; ze zien door de bomen het bos niet meer en lopen vroeg of laat vast.

De groep kinderen met een visuele leerstijl groeit. Mede door de komst van de “beeldschermen”, houdt een grote groep kinderen voorkeur voor het snelle, creatieve en op beleving gerichte leren. Vaaf het moment dat de kinderen in groep 3 komen, krijgen zij te maken met een talig onderwijssysteem, zowel op reken- als op taalgebied. Neem het realistisch rekenen. Gericht op het inzicht verschaffen in datgene wat je doet als je een rekenopgave moet uitrekenen. Dit wordt gedaan aan de hand van aan de dagelijkse praktijk gelinkte situaties. Dat lijkt mooi en handig v.w.b. het leren, maar dat geldt niet voor kinderen met een voorkeur voor visueel leren. Enkele problemen van deze kinderen schets ik hieronder:

  1. Getallenlijn: Het rekenen op een getallenlijn is voor een kind wat visueel leert, erg lastig. De structuur van de grootte van de stappen die ze erin moeten maken, is niet duidelijk. De getallenlijn biedt deze kinderen weinig houvast. Een honderdveld biedt deze structuur wel.
  2. optellen en aftrekken met splitsen. Optellen (en aftrekken) over het tiental heen wordt geleerd met behulp van splitsen. Een voorbeeld:7+8=…(7+3=10 en dan 10+5 =15). We gebruiken twee stappen om tot de oplossing te komen. Een visueel lerend kind komt hiermee niet tot automatiseren en heeft ook nog eens de “gave”om, door zijn/haar sterk associërende vermogens, allerlei extra stappen te bedenken. Gevolg: door de bomen het bos niet meer zien….
  3. Verschillende strategieën op één bladzijde in een rekenboek. De woorddenker zal de strategie gebruiken die hij het handigste vind. Een visueel lerende kiest in de regel geen van allen, en gebruikt zijn of haar eigen bedachte manier.
  4. Kolomrekenen. Bij het onder elkaar optellen en aftrekken leren de kinderen vanuit het realistisch rekenen eerst alle duizendtallen op te tellen en uit te schrijven, idem met de honderdtallen en daarna de tientallen en de eenheden. Hierdoor ontstaat een lange kolom onder de streep, die je daarna nog moet optellen. Ook hier zie je dat door het grote aantal denkstappen, deze kinderen fouten gaan maken, mede door hun associërende vermogens. Woorddenkers associëren niet/veel minder, waardoor dit probleem niet optreedt.
  5. Vaniut de delen naar het geheel. Het realistisch rekenen kristalliseert de stappen in de groepen 3 t/m 7 helemaal uit, om uiteindelijk terug te komen op het onder elkaar optellen, aftrekken,vermenigvuldigen en de  “ouderwetse” staartdelingen. Dit past in het straatje van kinderen met een auditieve leerstijl, die stapje voor stapje leren. Kinderen met een visuele leerstijl leren echter vanuit het geheel naar de delen, en komt vanuit zijn natuur graag vlot tot de oplossing van een probleem.

Hoogleraar wiskunde Jan van de Craats (Universiteit van Amsterdam) stelt terecht de vraag of we niet terug moeten naar de “ouderwetse” manier van rekenen, met vaste structuren en eenduidige strategieën. Voor kinderen met een visuele leerstijl zou dat de oplossing zijn en totdat het zover is: gebruik het honderdveld, materialen, vaste strategieën en werk vanuit het geheel naar de delen. !

Hieronder de link naar het PDF bestand van Jan van de Craats over het rekenonderwijs. Zeer de moeite waard !

http://staff.science.uva.nl/~craats/CraatsRekenenNAW.pdf






Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*