1. Dynamic and Postural Reflexintegration (DPRI)

Deze opleidingsmodule gaat over de primaire en (deels) posturale reflexen en verschaft de MNRI- behandelaar vaardigheden om deze reflexen te testen op hyper,- dan wel hypoactiviteit. Daarnaast krijgt de behandelaar technieken aangereikt om deze reflexen te integreren. Hierdoor verdwijnen ze naar de achtergrond en worden overgenomen door de (levenslang aanwezige) posturale of houdingsreflexen.

Primaire (kinderlijke) reflexen hebben als functie om het menselijk lichaam in het vroegste stadium van bestaan, in beweging te brengen, hebben een actieve rol in het bevallingsproces en helpen het kind gedurende de eerste twee levensjaren om mijlpalen als rollen kruipen, zitten staan en lopen op tijd te bereiken.

De eerste primaire reflexen worden reeds in de vijfde van de zwangerschap actief in het embryo. Daarna volgen de 21 primaire reflexen elkaar op vastgezette tijden op gedurende de 40 weken zwangerschap, als in een kettingreactie. Deze primaire reflexen worden vanuit de hersenstam aangestuurd en zorgen voor het in beweging brengen van neuronen, waardoor zij onderling contact kunnen maken, waardoor er een netwerk van zenuwen ontstaat; het Zenuwstelsel.  Reflexen en het ontwikkelende zenuwstelsel geven de foetus de mogelijkheid om steeds nieuwe vaardigheden te ontwikkelen en te oefenen in de baarmoeder op een onbewuste (reflexmatige) manier. Denk bij deze vaardigheden aan; buigen strekken van de romp/armen/benen, het openen en sluiten van armen en benen, maar ook van handen, zuigen, slikken, trappen, afzetten, enz. Zonder reflexen geen beweging en zonder beweging geen ontwikkeling.

Aan het einde van de zwangerschap helpt dit pakketje reflexen het kind geboren te worden en de juiste bewegingen te maken om op de juiste manier door het geboortekanaal te komen. Alle kunstmatige bevallingen (keizersnede, vacuümpomp, ingeleid, stuitbevalling) zijn dus al indicatoren dat er reflexen zijn, die niet goed tot ontwikkeling zijn gekomen. Dit geldt ook voor te vroege/ te late, te langzame en te snelle bevallingen.

Deze vertraging in de kettingreactie is ook na de bevalling zichtbaar in baby’s; Het rollen vindt dan niet plaats bij 3 maanden, maar pas bij 3,5 of 4 maanden, of blijft erg veel moeite kosten. Hierdoor worden de volgende mijlpalen ook niet op tijd behaald, of zelfs overgeslagen. DE primaire reflexen hebben zich dan onvoldoende uit kunnen ontwikkelen en hebben het neurologische circuit niet volledig doorontwikkeld. De reflex blijft dan op kinderlijk niveau actief, als het circuit niet voor het 2e levensjaar volledig doorlopen is. De hoger gelegen hersengebeiden worden dan neurologisch onvoldoende bereikt; het zenuwstelsel kan de prikkels niet vlot en efficiënt doorsturen naar het Limbische systeem en de grote cortex, maar blijven op hersenstam- niveau functioneren.

De nog actieve reflexen blijven dan een (verstorende) rol spelen en zullen bij een  zintuigelijke prikkel direct een reactie geven in het lichaam. Dit zie je bijvoorbeeld terug in overmatig bewegen, geluiden maken, boosheid, frustratie, slechte pengreep, vlucht/of vermijdend gedrag enz. Dit zijn signalen van een nog onrijp zenuwstelsel. Ook chronische stress, trauma en ouderdom kunnen zorgen voor wederom onrijpheden in het zenuwstelsel en weer actief wordende primaire reflexen.

De technieken vanuit de DPRI helpen mee om het circuit van de storende primaire reflexen alsnog aan te zetten, te doorlopen en te voltooien, zodat de hogere (en afzonderlijke) hersengebieden vanuit efficiënte prikkeloverdracht beter kunnen samenwerken. Dit bevordert het logisch denken en beredeneren, verbanden kunnen leggen, overzicht houden, emotieregulatie en organiseren en plannen van complexe taken. Daanaast kan met een rijp zenuwstelsel een meer efficiënte werking van diverse organen en energiesystemen bewerkstelligd worden, alsmede een optimale werking van het immuunsysteem.






Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*